Observatie als onderzoeksmethode

Het kan zijn dat je voor je scriptie onderzoek een situatie of groep mensen moet observeren. Dit is een onderzoeksmethode waarbij jij met je eigen ogen data verzamelt. Er zijn verschillende soorten observatie onderzoeken die je kunt uitvoeren. Op deze pagina lees je alles over deze verschillende methoden. Zo weet jij precies welke stappen je moet doorlopen bij het observeren.

Wat is observatie?

Observatie is een onderzoeksmethode waarbij je naar mensen kijkt en luistert. Je kunt bijvoorbeeld het gedrag van een bepaalde groep hiermee onderzoeken. Observatie komt dan ook vaak voor bij sociologische studies. Er worden vooral observaties gedaan bij kwalitatief onderzoek. Het is namelijk een methode waarbij je interpreteert wat je ziet of hoort en daar vervolgens conclusies uit trekt. Een observatie kan bijvoorbeeld interessant zijn bij een case study waarbij je het gedrag van een bepaalde groep mensen onderzoekt. Het is altijd belangrijk om toestemming te vragen aan de groep mensen die je wilt observeren. Probeer ervoor te zorgen dat dit de betrouwbaarheid van je observatie niet in de weg staat.

Wat zijn observatiemethoden?

Er zijn verschillende soorten observaties die je kunt uitvoeren. De soort observatie hangt af van wat je er mee wilt bereiken. Wij hebben voor je op een rijtje gezet welke observatiemethoden er zijn en wanneer je ze het beste kunt gebruiken. Zo kun jij de juiste keuze maken voor jouw onderzoek.

Ongestructureerde observatie

Je kunt het beste een ongestructureerde observatie uitvoeren als je je onderzoeksprobleem nog moet vaststellen. Met een ongestructureerde observatie kijk en luister je namelijk nog niet echt met een doel. Dit kan je inspiratie geven voor het formuleren van een onderzoeksprobleem. Je gebruikt bij een ongestructureerde observatie geen observatieschema. Vaak is de observatie dan ook heel gedetailleerd, omdat je alles kunt opschrijven wat je ziet en hoort. Vervolgens maak je hier een verhalend verslag van.

  • Hoe beschrijf je het in je scriptie?
    Een ongestructureerde observatie gebruik je meestal om je onderzoeksprobleem vast te stellen. Daarom is het belangrijk om de observatie in je inleiding te beschrijven. Daar beschrijf je namelijk ook de aanleiding tot het onderwerp van je scriptie.

Gestructureerde observatie

Bij een gestructureerde observatie is het doel van je onderzoek al duidelijk. Hierdoor kun je een duidelijk doel stellen bij je observatie. Hierbij schrijf je een observatieschema dat je tijdens het observeren gebruikt. Door het gebruik van een schema kun je de resultaten uiteindelijk makkelijk met elkaar vergelijken. Je kunt ze bijvoorbeeld verdelen in bepaalde categorieën die relevant zijn voor jouw onderzoek. Bij een gestructureerde observatie weet je waar je naar op zoek bent, en hier focus je op tijdens het observeren. 

  • Hoe beschrijf je het in je scriptie?
    In je scriptie beschrijf je precies de methode die je hebt gebruikt voor het observeren. Daarnaast laat je zien wat voor observatieschema je hebt gebruikt. De relevante resultaten die je uit de observatie hebt kunnen halen, beschrijf je in je scriptie. Daar kun je bepaalde conclusies uit trekken. De volledige aantekeningen van de observatie kun je in een bijlage aan je scriptie toevoegen.

  • Participerende observatie.
    Bij een participerende observatie neem je zelf deel aan de groep of situatie. Je loopt bijvoorbeeld een dag mee met een bevolkingsgroep met bijzondere religieuze rituelen. Je observeert wat hun levensstijl precies is, maar doet er ook zelf aan mee. Hierdoor kun je gedetailleerde resultaten verzamelen. Wees je ervan bewust dat een groep zich anders voor zou kunnen doen in jouw bijzijn. Of het kan zijn dat je onbewust het gedrag van de mensen stuurt met je eigen acties. Houd er rekening mee dat dit de betrouwbaarheid van jouw observatie kan beïnvloeden.

  • Niet-participerende observatie.
    Bij deze observatiemethode bekijk je de groep of situatie van een afstand. Bij deze methode krijg je een minder gedetailleerd beeld dan bij een participerende observatie. Toch wordt deze methode ook vaak gebruikt, omdat je door de afstand de resultaten niet onbewust kunt beïnvloeden. Dit verhoogt de betrouwbaarheid van jouw onderzoek.

Voor- en nadelen van de verschillende observatiemethoden

Hieronder volgt een overzicht van de voor- en nadelen van de verschillende observatiemethoden.

  • Ongestructureerde observatie

  • Gestructureerde observatie

  • Participerende observatie

  • Niet-participerende observatie

Voordelen Nadelen

Ongestructureerde observatie
Omdat er geen gebruik wordt gemaakt van een observatieschema ben je vrij in wat je observeert. Als er iets opvalt kun je daar een aantekening van maken. Zo krijg je een volledig en gedetailleerd beeld van jouw onderzoeksobject.

Ongestructureerde observatie
Deze observatiemethode heeft nog geen focus. Soms is het dan moeilijk om tijdens de observatie te weten waar je op moet letten. Doordat het onderzoek minder gericht is, krijg je minder duidelijke resultaten en is het later lastiger filteren op relevantie.

Gestructureerde observatie
Door het gebruik van een observatieschema kun je de resultaten uiteindelijk makkelijk met elkaar vergelijken. Je kunt gerichter observeren, omdat je weet waar je naar op zoek bent.

Gestructureerde observatie
Door het observatieschema zijn er specifieke dingen waar je op let. Het kan zijn dat er daardoor andere interessante dingen aan je voorbijgaan. Je onderzoek kan daardoor biased raken.

Participerende observatie
Je staat dicht bij je onderzoeksobject, omdat je zelf deel uitmaakt van de groep of situatie die je observeert. Zo kun je gedetailleerde resultaten verzamelen en mis je niets.

Participerende observatie
Doordat je zelf deelneemt aan de observatie kan het zijn dat je de resultaten (onbewust) beïnvloedt. Dit vermindert de betrouwbaarheid en validiteit van je onderzoek.

Niet-participerende observatie
Je resultaten zijn betrouwbaar, omdat je de groep of situatie van een afstand bekijkt. Je hebt zelf namelijk geen invloed op wat er gebeurt. Je observatie blijft zo het het meest een reflectie van de werkelijkheid.

Niet-participerende observatie
De afstandelijkheid van deze observatiemethode kan ook een nadeel zijn. Je staat er niet middenin, waardoor je een minder gedetailleerd beeld van de groep of situatie krijgt.

Voor de observatie

Een goede voorbereiding is het halve werk. Vooral bij het uitvoeren van een gestructureerde observatie is de voorbereiding belangrijk. Dan kun je je tijdens de observatie op de juiste zaken focussen. Je begint met het maken van een opzet. Hierin beschrijf je wie of wat je precies gaat observeren en welke methode je hierbij gaat gebruiken. Je beschrijft dus eigenlijk precies wat je gaat doen en waar je op gaat letten tijdens het observeren. Het maken van een opzet kan je helpen om helder te krijgen wat je precies wil onderzoeken. Vervolgens ga je een passend observatieschema samenstellen. Er zijn verschillende manieren waarop je dit kunt doen en het verschilt per onderzoek hoe dit schema eruitziet. Het observatieschema moet jou kunnen helpen bij het focussen op de dingen die relevant zijn voor jouw onderzoek.

Tijdens en na de observatie

Tijdens het observeren ben je aan het waarnemen. Met behulp van je observatieschema maak je hier aantekeningen bij. Pas na de observatie ga je je waarnemingen analyseren en interpreteren. Doe dit dus niet tijdens de observatie, want dan gaan er misschien dingen aan je voorbij. Tijdens de observatie ben je dus gefocust op wat je ziet en hoort. Na de observatie schrijf je een observatieverslag over je bevindingen. Hierin beschrijf je de resultaten die relevant zijn voor jouw onderzoek en de conclusies die je daaruit kunt trekken.

Hulp van een professional

Heb je moeite met het maken van een opzet voor een observatie? Wil je graag hulp van een professional die je ondersteunt bij het schrijven van de scriptie? Scriptium kan helpen met persoonlijke scriptiebegeleiding. Of het nu gaat om een kwalitatief of kwantitatief onderzoek, we hebben altijd een geschikte begeleider beschikbaar. Daarbij staan we 7 dagen per week voor je klaar.

Mijke - contentschrijver

Mijke is blogschrijfster bij Scriptium. Ze studeerde Interieurarchitectuur aan ArtEZ Hogeschool voor de Kunsten en studeert nu Design Cultures aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Naast haar passie voor schrijven houdt ze van lezen en toneelspelen. In haar vrije tijd wandelt ze graag door het mooie Amsterdam.

Mijke - contentschrijver

Mijke is blogschrijfster bij Scriptium. Ze studeerde Interieurarchitectuur aan ArtEZ Hogeschool voor de Kunsten en studeert nu Design Cultures aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Naast haar passie voor schrijven houdt ze van lezen en toneelspelen. In haar vrije tijd wandelt ze graag door het mooie Amsterdam.

4 reacties

  1. Ik dacht altijd dat een observatie per definitie altijd niet-participerend was. als je er als onderzoek middenin gaat zitten, wordt het toch meer een experiment of een groepsdiscussie ofzo

  2. Hallo Jackie,

    Een observatie kan ook participerend zijn. De onderzoeker maakt dan deel uit van de setting die hij onderzoekt. Een voorbeeld is een leraar die een nieuwe lesmethode onderzoekt in de klas, waarbij er meer spelgericht wordt geoefend met de oefenstof. De leraar wil bijvoorbeeld weten of leerlingen hierdoor beter leren. De onderzoeker, die dus tevens de leraar is, maakt dan deel uit van de context waarin het gedrag van de groep wordt onderzocht. Hij geeft de oefenstof, de leerlingen kennen hem en praten met hem, etc. Bij niet-participerende observatie maakt de onderzoeker geen deel uit van de setting waarin het gedrag wordt onderzocht. Hij staat daar dus buiten. Een voorbeeld is wanneer er camerabeelden worden gebruikt ter observatie van gedrag. Het verschil tussen observatie en experiment is dat je bij observatie natuurlijk gedrag observeert, terwijl je bij je een experiment het gedrag in een ‘lab’ uitlokt. Bij een groepsdiscussie worden mensen samengebracht om te discussiëren over een onderwerp.

  3. Hallo Michael,

    Nee, dat hoeft niet het geval te zijn. Om terug te komen op het bovenstaande voorbeeld, van de leraar/onderzoeker die een nieuwe oefenmethode introduceert: de leerlingen hoeven niet te weten dat er sprake is van een onderzoek/observatie. Vaak weet de onderzochte groep niet dat er een onderzoek plaatsvindt. Dit komt meestal de validiteit van de resultaten ten goede, omdat de onderzochte leden bijvoorbeeld minder sociaal wenselijk gedrag zullen vertonen.

Laat een reactie achter