Hoeveel interviews?

Het kan zijn dat je voor je scriptieonderzoek een aantal interviews wilt afnemen. Interviews gebruik je om data te verzamelen over jouw onderwerp. Dit doe je door experts te interviewen of door mensen te interviewen om iets te weten te komen over een bepaalde groep. Maar hoeveel interviews moet je nu precies afleggen? Dit verschilt per type onderzoek. Op deze pagina lees je hier alles over, zodat je weet waar je aan toe bent.

De aantallen per onderzoek

Het aantal interviews dat je moet afleggen hangt af van het soort onderzoek dat je doet. Bij kwantitatief onderzoek kun je een steekproef trekken. Bij kwalitatief onderzoek kan het zijn dat je een aantal experts wilt interviewen. Daarnaast hangt het af van of je een homogene groep of een heterogene groep gaat onderzoeken. Het doel van interviews afnemen is dat je iets te weten komt over een groep of over je onderwerp. Om conclusies te trekken hierover wil je dat er theoretische saturatie ontstaat. Als er sprake is van theoretische saturatie, dan heb je genoeg interviews afgenomen.

Wat is theoretische saturatie?

Theoretische saturatie betekent dat je genoeg onderzoek hebt gedaan om conclusies te kunnen trekken. Het kan zijn dat je er na vier interviews achter komt dat er geen nieuwe informatie meer naar boven komt. Je hebt dan genoeg informatie verzameld en kunt spreken van theoretische saturatie. Bij het optreden van theoretische saturatie is je onderzoek betrouwbaar en valide genoeg is. Uit de interviews die je hebt afgenomen kun je vervolgens conclusies trekken.

Populatie onderzoeken

Doe je onderzoek over een bepaalde populatie? Dan kan het zijn dat je mensen uit die populatie wilt interviewen. Het aantal interviews dat je aflegt hangt af van het type onderzoek dat je doet.

  • Kwalitatief onderzoek

Bij kwalitatief onderzoek interview je mensen en vraag je door op interessante zaken. Je kunt kiezen voor een ongestructureerd interview of een semigestructureerd interview. Je kiest een aantal mensen uit de populatie die je onderzoekt. Je blijft mensen interviewen tot er theoretische saturatie optreedt. Meestal interview je acht tot vijftien mensen, maar dit hangt af van wat haalbaar is en wat er van je gevraagd wordt vanuit je studie. Het aantal interviews dat je aflegt hangt ook af van wat voor groep je onderzoekt; een homogene groep of een heterogene groep.

  • Homogene groep
    Een homogene groep bestaat uit mensen die allemaal iets met elkaar gemeen hebben. Dit zijn dus mensen uit dezelfde categorie. Je wilt na de interviews dan ook iets kunnen zeggen over deze categorie. Het is bijvoorbeeld een groep mensen die in dezelfde winkel werkt, een groep mensen die een bepaalde religie aanhangt, of een groep linkse activisten. Het gaat er hierbij om dat je iets te weten komt over één bepaalde groep. Vaak interview je ongeveer tien mensen.

  • Heterogene groep
    Een heterogene groep bestaat uit mensen die uit verschillende categorieën afkomstig zijn. Je kiest ervoor om een heterogene groep te onderzoeken als je iets wilt weten over de verschillen en overeenkomsten tussen bepaalde groepen. Een heterogene groep is bijvoorbeeld een groep medewerkers van concurrerende bedrijven, een groep mensen die allemaal verschillende religies aanhangen of een groep scholieren van verschillende niveaus. Bij een heterogene groep interview je meestal meer mensen dan bij een homogene groep. Meestal neem je tien tot twintig interviews af.

  • Kwantitatief onderzoek

Bij een kwantitatief onderzoek verzamel je data over bepaalde variabelen. Dit doe je doorgaans middels een enquête. Deze data kun je vervolgens makkelijk met elkaar vergelijken, om er daarna conclusies uit te trekken. Bij kwantitatief onderzoek naar een populatie trek je een steekproef. Dit is het groepje mensen uit de populatie dat je gaat onderzoeken. Vervolgens kun je de verzamelde  steekproefresultaten generaliseren naar de gehele populatie. Door gebruik te maken van een steekproefcalculator weet je hoeveel mensen je precies moet enquêteren.

Het kan zijn dat je ook bij een kwantitatief onderzoek aanvullende interviews houdt. Bijvoorbeeld om verdiepende antwoorden te krijgen van enkele respondenten die eerder de enquête hebben ingevuld. Je hoeft dan meestal niet evenveel interviews te houden als het aantal enquêtes dat je hebt afgenomen. Een andere mogelijkheid is dat je in de enquête zelf enkele open vragen opneemt. Door het hoge aantal enquêtes zijn de resultaten van de antwoorden op de open vragen dan eerder te generaliseren.

Interview met een expert

Vaak leg je interviews af als je onderzoek doet naar een bepaalde populatie. Het kan echter ook zijn dat je interviews aflegt om meer te weten te komen over een specifiek onderwerp. Je interviewt dan een of meerdere experts die jou duidelijke antwoorden kunnen geven op je vragen. In dit geval verschilt het heel erg hoeveel mensen je gaat interviewen. Het gaat hierbij om kwaliteit en niet om kwantiteit. Het kan dus zijn dat je één expert interviewt, maar het kunnen er ook vijf zijn.

Geen theoretische saturatie?

Het kan zijn dat er geen sprake is van theoretische saturatie na het afnemen van de interviews. Je kunt de resultaten wel gebruiken, maar je conclusies zijn dan misschien niet volledig betrouwbaar. Het is belangrijk om dit in het discussiehoofdstuk te bespreken.

Overzicht aantal interviews per doelgroep

Hieronder geven we je een indicatie van het aantal interviews dat je per type onderzoek of te ondervragen doelgroep kunt houden.

Participant Aantal Uitleg

Medewerkers

Homogeen: 8-10 Heterogeen: 10-20

Medewerkers weten vaak veel over de organisatie en hebben kennis van de dienst, een proces, klanten en/of protocollen. Als het gaat om één afdeling, zijn ongeveer 8 tot 10 interviews vaak voldoende. Gaat het om meerdere afdelingen, dan zou je ongeveer tussen de 10 tot 20 interviews kunnen aanhouden.

Klanten

15

Klanten weten vaak niet zoveel over het bedrijf, maar kunnen wel aangeven wat hun aankoopintentie is en waarom ze voor een bepaalde dienst hebben gekozen. Omdat er doorgaans verschillen zijn tussen klanten (heterogene groep), zou je wat meer interviews dienen af te nemen. Hoe groter de verschillen (achtergrond, leeftijd, locatie etc.), hoe meer interviews je moet houden.  
Je kunt er ook voor kiezen om een enquête te houden. Op die manier kun je een veel groter aantal klanten bereiken en kun je de resultaten generaliseren.

Experts

2-5

Experts kunnen veel relevante informatie geven over een onderwerp of dienst. Daardoor zijn doorgaans niet veel interviews nodig. Het is beter om meer dan één expert te interviewen, omdat er anders bias kan ontstaan in de resultaten. De mening van slechts één expert bepaalt dan de resultaten, terwijl een andere expert andere waardevolle informatie had kunnen geven. In principe interview je net zoveel experts als wat nodig is om je onderzoeksvraag te beantwoorden.
Als je zeer specifieke informatie nodig hebt die niet veel mensen kunnen geven, dan volstaan doorgaans twee interviews.

Business to business klanten (B2B)

3-5

Het kan zijn dat je een bedrijf onderzoekt dat aan andere bedrijven of organisaties diensten of producten verkoopt. Vaak kennen dat soort klanten het bedrijf wat beter dan gewone consumenten dat doen. Omdat zij meer kunnen vertellen over het bedrijf en de samenwerking ermee, hoef je doorgaans niet veel interviews te houden. Een aantal van 3 tot 5 volstaat meestal.

Andere organisaties

5-7

Bij sommige onderzoeken worden de prestaties van andere organisaties onderzocht, bijvoorbeeld bij een benchmarkonderzoek.
Als je vergelijkbare organisaties wilt interviewen, of de best practices in jouw domein, kun je doorgaans een aantal van 5 tot 7 interviews aanhouden. Hoe meer interviews hoe beter, want andere organisaties zijn vaak niet happig met het geven van informatie. 

Cliënten

Homogeen: 8-10
Heterogeen: 10-20

Cliënten (bijvoorbeeld cliënten van een psychiatrische instelling) kunnen soms veel en soms weinig over de organisatie vertellen. Het hangt af van hoe betrokken ze zijn bij de organisatie en van hun bereidheid om een gedegen antwoord op de vragen te geven. Omdat cliënten vaak van elkaar verschillen qua leeftijd, achtergrond en opleidingsniveau, is het van belang om voldoende interviews te houden. 

Hulp van een professional

Een goed kwalitatief onderzoek bevat een praktijkgedeelte dat iets toevoegt aan het inzicht van de lezer. Het gebeurt meer dan eens dat een scriptie wordt afgekeurd op gebrekkige resultaten, meer specifiek de interviews. Twijfel je aan het niveau van je interviews? Dan kun je deze door Scriptium laten nakijken. Onze experts hebben al meer dan 10.000 studenten geholpen bij het schrijven en verbeteren van hun scriptie. Daarbij staan zij 7 dagen per week voor je klaar. 

Mijke - contentschrijver

Mijke is blogschrijfster bij Scriptium. Ze studeerde Interieurarchitectuur aan ArtEZ Hogeschool voor de Kunsten en studeert nu Design Cultures aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Naast haar passie voor schrijven houdt ze van lezen en toneelspelen. In haar vrije tijd wandelt ze graag door het mooie Amsterdam.

Mijke - contentschrijver

Mijke is blogschrijfster bij Scriptium. Ze studeerde Interieurarchitectuur aan ArtEZ Hogeschool voor de Kunsten en studeert nu Design Cultures aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Naast haar passie voor schrijven houdt ze van lezen en toneelspelen. In haar vrije tijd wandelt ze graag door het mooie Amsterdam.

8 reacties

  1. Hallo Scriptium,

    Jullie schrijven dat er minder interviews hoeven te worden gehouden dan enquêtes als je extra verdiepende vragen gaat stellen. Maar is het niet zo dat in het kader van generalisering en representativiteit er gewoon ook dan evenveel interviews moeten worden gehouden? Anders kun je toch per definitie de resultaten uit die interviews niet generaliseren naar de hele groep?

  2. Hallo Nikki,
     
    Dank voor je vraag. Dat is een goede en terechte opmerking van je. Het hangt af van het type onderzoek dat je doet in welke mate je de resultaten uit interviews dient te generaliseren. Soms is het doel van kwalitatief onderzoek het creëren van een nieuwe theorie en is het dus exploratief van aard. In dat geval is het generaliseren van die theorie niet het basisdoel. De generalisatie moet dan meer in het licht worden gezien van het creëren van een gedegen en doorwrochte theorie, waarbij de lezer uiteindelijk bepaalt of die theorie op andere contexten van toepassing is.
     
    Als de verdiepende interviewvragen als aanvulling op een enquête echter niet zozeer tot doel hebben om een theorie te creëren, maar bijvoorbeeld toetsend van aard zijn, dan zou je de generalisatie aangaande het aantal geïnterviewden in ogenschouw kunnen nemen.
     
    Een voorbeeld: je doet marktonderzoek naar de voorkeur van potentiële klanten voor een bepaald product. Je houdt een enquête onder de doelgroep, waarbij je een voldoende grote steekproef hebt getrokken om te kunnen generaliseren. In die enquête kun je een aantal open vragen opnemen (bijvoorbeeld aan het eind). Er wordt dan uiteindelijk een voldoende aantal klanten ondervraagd om de antwoorden op de open vragen te kunnen generaliseren.

  3. Vraag,
    Stel je hebt 10 interviews gehouden, maar er blijkt al na het analyseren van 5 interviews dat de antwoorden erg overeenkomen en dat er saturatie is opgetreden, moet je dan de data van de andere 5 toch toevoegen als bijlage?

  4. Hallo Leonie,
     
    Bedankt voor je vraag. Het is niet onverstandig om die data ook toe te voegen. Dit omdat die resultaten sowieso onderdeel zijn geweest van je onderzoek. En daarnaast: het kan nooit kwaad om die data op te nemen. Je kunt zelf wel weten en beweren dat er saturatie is opgetreden, maar degene die je onderzoek leest ziet toch dat er 10 in plaats van 5 interviews zijn gehouden, en dat je dus meer tijd en moeite hebt gestoken in het verzamelen van (voldoende) informatie, en dat kan een betere indruk geven.

  5. Ik ben op zoek naar een academische bron die onderbouwd dat bij het interviewen van een homogene groep 8-10 respondenten nodig zijn. Waar komt deze kennis vandaag? Alvast bedankt 🙂

  6. Hallo Jelle,
     
    Bedankt voor je vraag. 8-10 geïnterviewden is een vuistregel die aangehouden kan worden bij scripties. Een dergelijke vuistregel, waarbij a priori het aantal interviews wordt bepaald in plaats van op basis van saturatie, wordt vaak aangehouden om praktische redenen (budget, tijd, etc.). 
     
    Baarda (2013) schrijft: 
     
    “De steekproefgrootte is bij kwalitatief onderzoek afhankelijk van de complexiteit van je onderwerp en de heterogeniteit van de onderzoekseenheden op relevante kenmerken”.
     
    In het op hogescholen gebruikte boek ‘Marktonderzoek’ van Mirjam Broekhoff (die overigens ook werkzaam is bij Scriptium) wordt gesproken over 10-15 respondenten, zonder onderscheid in homogeen en heterogeen. 
     
    In dit artikel wordt onderzocht of je vooraf het aantal interviews kunt vaststellen:
     
    Onderaan, bij Tabel 1, worden een aantal auteurs op een rij gezet, met de vuistregels die zij aanhouden. Het gaat dan wel om officieel wetenschappelijk onderzoek. Je ziet dat er verschillen zijn in het aantal interviews dat de onderzoekers als vuistregel aanhouden. Idealiter bepaal je het aantal interviews op basis van saturatie. 

  7. Ik ga voor mijn onderzoek twee experts interviewen. Jullie schrijven dat je hooguit twee experts hoeft te interviewen. Ik vraag me af of dat wel voldoende is om voldoende resultaten te behalen.

  8. Hallo Klaas,
     
    Bedankt voor je vraag. Als vuistregel is in de tabel 2 tot 5 interviews met experts aangehouden. Het hangt mede af van hoe exploratief je onderzoek is en hoe waardevol en compleet de informatie is die deze experts kunnen leveren. De meest wetenschappelijke manier om het aantal interviews te bepalen is echter op basis van saturatie. Op die manier kun je met meer zekerheid zeggen dat er voldoende interviews zijn gehouden. Feit is echter dat je bij sommige onderwerpen niet zomaar tien experts met zeer veel kennis uit de hoge hoed kunt toveren om te interviewen. Denk bijvoorbeeld aan een onderwerp als het toepassen van nanotechnologie bij kanker. Er is dus vaak ook een praktische limitatie. Bovendien kun je scripties beschouwen als een ‘simulatie’ van echt onderzoek. Stel dat je op basis van een vuistregel vooraf het aantal interviews op 5 bepaalt, terwijl het daadwerkelijke aantal 10 had moeten zijn op basis van saturatie, dan zul je daar niet door andere erkende wetenschappers op afgerekend worden (of het moet je eigen beoordelaar zijn). Het is geen officieel onderzoek dat in een wetenschappelijke journal gepubliceerd wordt. Wel is het belangrijk dat je in je scriptie aangeeft/verantwoordt waarom je voor dat aantal hebt gekozen. Het moet wetenschappelijk verantwoord worden. Omdat wetenschap niet absoluut is, kun je het op verschillende manieren verantwoorden. Deze manieren moeten op logica, algemeen aanvaarde wetenschappelijke regels en/of erkende bronnen gebaseerd zijn.

Laat een reactie achter